Marmotte 1999

Verslag van een Fries in Frankrijk

Marmotte 1999: zilver en volgend jaar voor goud
En dat was iets waar ik van te voren niet van durfde te dromen, laat staan aan te denken. Met mijn Friese klim-achtergrond op het viaduct van Folsgare, bij Sneek was ik op voorhand al kansarm in deze zware Franse wedstrijd over vier Alpentoppen. Die kansloosheid werd in de dagen vooraf nog eens goed bevestigd, maar ja je weet nooit hoe een koe een haas vangt. Dus gewoon meedoen en je uiterste best doen om deze 175 km lange tocht uit te rijden, dat was de opdracht die ik mezelf had gesteld.

Met 18 mensen naar Frankrijk waarvan 7 de grote tocht aangingen
Het was gezellig op de camping Belledonna met de complete families Van der Beek, Van der Berg, Van der Wilt aangevuld met het aanstaande bruidspaar Smit-Haring die nog aan het trouwkaarten schrijven waren. Harry Booltink, Janneke Koerts en ondergetekende maakten de groep compleet. Alleen al door de grote groep en de gezelligheid was de week al een succes. Het mooie weer hielp nog een handje.

Alpe d'Huez: opwarmer vooraf
Harry, Janneke en ik hoorden met grote belangstelling de belevenissen van Floor, Klaas en Hendrik over de eerste beklimmingen: minuten van verschil, steile heuvels, snelle afdalingen. We gingen woensdagochtend maar eens polshoogte nemen: 10 km klimmen en dalen om even op te warmen. Oei, dat viel niet mee. 's Middags in een groep via Alpe d'Huez en dan nog verder: 7 km vlak rijden en dan 13 km gemiddeld 8% omhoog. Daar ik acht jaar terug een skivakantie als eens had onderbroken voor een beklimming van de Alpe d'Huez had ik een redelijk idee hoe dat ook al weer ging. Dus beneden direct maar vlot naar boven en maar eens kijken hoe het zou gaan. Dat duurde niet lang en daar vlogen Harm, Harry en Klaas mij al om de oren, maar zij waren ook echte klimmers. Naar beneden kijkend zag ik Janneke voor Hendrik rijden en verder naar achteren Judy. Floor was met de auto en Yannick al naar boven en nam zo af en toe een foto. Mijn hartslagmeter gaf steeds 180-185 aan en dat leek me wel wat veel. Maar ja het ging wel aardig. Toch lag de snelheid niet echt hoog: 9-10 km/uur. Zo'n drie km voor de top kwam Hendrik langszij en ik haakte aan gedurende 2-3 haarspeldbochten maar moest hem toch laten rijden. Klaas reed een stukje daarvoor en Harm en Harry waren al lang uit het zicht verdwenen. Toen ik boven kwam na 1 uur 20 min. was ik aardig op. Hoewel het herstel na vijf minuten best wel aardig was. Toch was een terras met grote sterke verhalen enz. voor iedereen belangrijker dan door te fietsen. Floor liet zich naar beneden vallen en 'vloog' nog een keer omhoog: hij kreeg met precies 1 uur de dagprijs, Harry was tweede met 1.07, Harm derde met 1.10, Klaas kwam toen met 1.12 en Hendrik daarna met 1.15. Janneke kwam verdienstelijk met 1.25 binnen en Judy met 1.30 uur en zo waren de verhoudingen bekend.

Croix de Fer of de Glandon: nog een aardig opwarmertje
Donderdag nog maar eens een flinke tocht om het begin van de Marmotte wat te verkennen. Klaas, Hendrik Harry, Janneke en ik gingen bij de camping rechtsaf. Harry had me gewaarschuwd: die hartslag van 180 houdt je geen hele dag vol, dus ik besloot het maar wat rustiger aan te doen. Klaas dacht daar anders over en reed direct weg en Harry en Hendrik hielden zich eerst rustig. Na verloop van tijd kwamen ook zij langszij, even wachten in een dorpje en daar was Janneke ook al. Vanaf dat moment kwam er weer iets nieuws: mijn hartslagmeter mocht niet meer dan 160-165 aangeven, een echt duurtempo met als gevolg dat Janneke ook van me weg reed. Gelukkig kan en durf ik goed te dalen en dus werd het met haar een voortdurend stuivertje wisselen. Wel duidelijk was dat ik met die duur-hartslag royaal de langzaamste klimmer was. Na 2,5 uur waren Janneke en ik op de top van de Croix de Fer en de rest was eerder linksaf gegaan naar de Glandon. Toch was ik wel tevreden met de hele gang van zaken: het klimmen ging niet snel maar wel constant en beheerst. Dus moe en voldaan afdalen met uitschieters naar 80 km/uur en daar kreeg ik toch wel een kick van. Prachtig wat een snelheid.

Fiets schoonmaken, banden pompen, schema maken, koolhydraten stapelen als voorbereiding
Over het laatste werd het meest gesproken maar onder leiding van Harry door ons in de praktijk gebracht. Binnen 15 uur drie keer warm eten: rijst, macaroni, rijst. Als dat geen stapelen is, dan weet ik het ook niet meer. Alle anderen waren met andere zaken bezig of nog gewoon een stukje fietsen. Janneke en mij leek het zwembad de beste voorbereiding: gewoon helemaal niks doen. 's Avonds dan toch nog maar een schema in hoofdlijnen: Croix de Fer incl. de aanloop (40 km, 2067 m) in drie uur, Telegraphe (13 km, 1566 m) in 1,5 uur, Galibier (18 km, 2645 m) in twee uur en Alpe d'Huez (13 km, 1860 m) in twee uur. Over de afdalingen en het vlakke wilde ik me maar niet eens druk maken. 's Nachts kwam van slapen niet veel terecht en dus wel tijd om na te denken: steile hellingen, langzaam klimmen, door iedereen ingehaald worden, warm, misschien niet uitrijden, viaduct Folsgare enz. Nee het zag er niet best uit en dat moest anders. Ik dacht: 'Als ik nu de eerste 15 km vlak eens doe wat ik goed kan en ook leuk vindt, dan heb ik dat alvast maar'. Ik vatte het plan op om voor in de wedstrijd te starten en me tegen alle adviezen in mee te laten sleuren met de snelle jongens. Misschien zou ik wel even 50 km/uur rijden op weg naar de voet van de eerste berg.

Met 58 km/uur op weg naar de hellingen
Zo gedacht en zo ook gedaan: bij de start naar voren gedrongen en om 7.15 uur rijden maar. Het tempo vloog omhoog en ik had snel een goed treintje te pakken in het peloton. Motors en auto's op kop en over de breedte van de hele weg raceden we weg. Mijn hartslag liep op naar boven de 170 en ik keek op de km-teller: 58-59 km/uur zonder dat het echt inspanning kostte. Geweldig, wat een euforie, mijn droom leek uit te komen. In no-time waren we bij de eerste beklimming en de toppers vlogen met 30-35 km/uur naar boven. Ook ik ging mee met ca. 25 km/uur. Dat was 10-15 km/uur meer dan een paar dagen daarvoor maar dat interesseerde me geen moer: ik was los en op tempo. Daarna nog een paar vlakke stukken en bij het begin van het echte werk had ik gemiddeld 40,4 km/uur op de teller staan. Mijn dag was, hoewel nog maar net begonnen, al helemaal geslaagd.

Lang en ver klimmen en door iedereen ingehaald worden
Dat was de volgende fase: ik wist donders goed dat ik ergens zat waar ik helemaal niet hoorde. Maar ja de eerste klap was voor mij, zeker toen Floor na ruim een uur langszij kwam: 'zo Jan, jij hebt een best gat geslagen'. Ik klom met 160-165 op de hartslagmeter en met 8-10 km/uur. Toen Floor kwam, reed ik 11 km/uur en dacht met hem mee te gaan. Hij reed 14 km/uur maar naar verloop van een paar minuten liep mijn hartslag op naar 175-180 en dat was toch echt te hoog. Ook al voelde ik verder geen problemen, toch maar afhaken en in eigen tempo verder. Weer een half uur later kwamen Harm en Harry langszij maar die liet ik direct rijden. Na 2.15 uur was ik boven en dat was 45 min. voorsprong op mijn schema: 10 minuten rusten, water halen, wat eten want de koolhydraten stapel begon op te raken en vooral concentreren op de afdaling. Toen naar beneden, prachtig. Maar niet voor iedereen want er gingen wel een paar onderuit. Mijn voertaal werd Frans en ook al stelt dat niet zoveel voor, voor mijn gevoel kreeg ik steeds wel de ruimte om nog sneller naar beneden te vallen. Als plaatselijke heb je toch iets voor.

Van bijrijder naar de achterbank van de bus
Daarna kwam een heel lang vlak stuk met zo af en toe wat vals plat en dan is het belangrijk dat je een goede bus vindt. Dan moet je niet als chauffeur maar als bijrijder mee of op de eerste rijen gaan zitten. En dat ging ook best totdat er vals plat kwam: ik viel snel terug naar de achterbank en dreigde zelfs door het achterruit uit de bus te vallen. Niet best maar gelukkig kwam Klaas achterop en die bracht me weer terug naar de achterbank. Toch bleef het uitermate griezelig op die achterbank met die gapende achterruit. Regelmatig wist ik me maar net binnen te houden, maar naar verloop van tijd verbeterde ik. De laatste 2-3 km voor de Telegraphe klom ik over de banken heen weer naar voren en zat weer als bijrijder vooraan. Niet voor lang natuurlijk.

Telegraphe: voor het eerst even afstappen
Klaas reed weg, trouwens net als alle anderen en had als ervaren Marmotte rijder nog de mededeling: 'straks komt er nog een stuk vlak'. Dat leek me wel aardig maar echt interesseren, deed het me niet. Aan alle kanten werd ik voorbij gefietst en mijn hartslag hield ik mooi op 160-165. De fietssnelheid was 9-10 km/uur en de zon werd steeds warmer. Halverwege de helling kwamen de eerste afstappers en dat werden er steeds meer. Die haalde ik dus wel in maar voor de rest bleef iedereen me voorbij rijden. Ca. 5 km onder de top was een drinkplaats en die heb ik maar gebruikt: een paar minuten en rijden maar weer en dat ging een stuk beter. Daarna werd per km afgeteld en kon ik toch vrij vlot naar boven door bij een groepje aan te haken. Na 1.15 uur was ik boven en alweer een kwartier winst. Tien minuten zitten, drinken en concentreren voor de afdaling. Toch was de afdaling veel vermoeiender dan gedacht, bovendien moest er ook nog wat getrapt worden en allemaal auto's er tussendoor.

Galibier: mijn hartslagmeter sloeg op hol en ik moest 1,5 km lopen
Midden op de dag, het was hartstikke warm en ik begon aan de Galibier. Een vreselijk kaal maanlandschap met een lang lint fietsers, zo ver je vooruit kon zien. Het was niet echt steil maar door de warmte en zonnestraling verwisselde de hartslagmeter zijn functies vanzelf en begon regelmatig als een gek te piepen. Dan gaf hij weer niks aan en op een gegeven moment dacht: donder maar weg zo'n rotding. Dan weer wind tegen, dan weer mee en ik werd nog steeds ingehaald, ook al was het verschil minder groot. Ook waren er eerder meer afstappers, de slijtageslag was begonnen. Mijn hartslag bleef in de 150 hangen en kwam niet meer boven de 160. Ik kon er wel vrede mee hebben wat mijn rekensommetje leerde dat ik rond 18.00 zou binnenkomen. Dus de tocht uitrijden kwam in zicht. Na verloop van tijd kreeg ik mijn hartslagmeter in gareel maar de hartslag bleef op 150 hangen en dat vond ik toch wel jammer. Maar ja ca. 10 km voor het eind maar een stukje lopen, in elk geval niet gaan zitten want dat schiet helemaal niks op. Wat eten en drinken en maar weer verder met 6-7 km/uur. Nog een drinkplaats en maar weer verder ploeteren en er kwam geen eind aan het lint. Ik werd niet veel meer ingehaald en haalde zo af en toe zelf een in. Het maanlandschap bleef en je zag ze als mieren omhoog kruipen. Naar beneden kijkend, probeerde ik te zien of er nog bekenden waren, bijv. de rode truien van Hendrik en/of Janneke. Rode truien zag ik wel maar niet wie er in zaten en maar weer naar boven kijken, er kwam geen eind aan. Maar weer even lopen en toen nog vijf, vier, drie km. Daar liep een oude Fries uit Sint Nicolaasga: even in het Fries aanmoedigen en maar weer verder. Uiteindelijk kwam ik na twee uur ploeteren boven, wat eten, drinken en na 10 minuten maar naar beneden. Veel auto's, langzame afdalers, ik kreeg er een sik van. Je werd er hondsmoe van: anderzijds had ik met mezelf afgesproken alleen in uitzonderingen auto's in te halen. Dus ik bleef op een goede afstand er achter hangen. Maar moe dat ik er in de handen/armen van werd, al dat remmen. Dat was nog eens echt afzien, minstens zo erg als bij het klimmen.

Met Belgische Snelle Henkie lekker racen
Na verloop van tijd werd het vlakker maar bleef het toch wel dalen. Ik dacht: gun jezelf je specialiteit even en dus rijden maar, de grootste versnelling en met 60-70 naar beneden. Alle een Belg met een Snelle Henkie shirt ging mee en wilde dat ik bleef doorrijden. Na wat onderhandelen werden we het eens: kop over kop met die beperking dat hij vanwege te kleine versnellingen niet boven de 50 km/uur kon komen. Zo hebben we zeker 10 km gereden en genieten was dat. Toch wist/voelde ik dat het niet echt verstandig was met de Alpe d'Huez nog in het verschiet. Snelle Henkie wees me daar ook op en toen kwamen er een paar flauwe hellingen en was het weer gebeurd met de pret. Snelle Henkie reed door en ik waaide er af. Bovendien had ik vreselijk last van mijn linkervoetzool gekregen: een van de boutjes in mijn schoen was iets te lang en drukte door. Dus alleen maar trekken en niet te snel meer rijden. Een paar bussen moest ik laten rijden en met veel pijn en moeite wist tenslotte toch weer de achterbank van een passerende busje te pakken. Een paar keer hing ik uit het achterraam maar de chauffeur en bijrijder gingen overleggen wie wanneer op kop ging rijden. Ook keken ze naar mij maar mijn zielige gezicht was genoeg. Ik mocht op de achterbank blijven.

Een half uur rusten en toen de Alpe d'Huez
Redelijk slecht voelde ik me in Bourg d'Oisans en bij een stempelpost was genoeg voer te krijgen. Daarna rustig door het dorp op weg naar de laatste helling. Gelukkig stond Judy langs de kant: even praten, een lekkere appel voor de dorst want van al dat suikerwater wordt je ook niet goed. Klaas was net weg en Floor en Harm al veel langer. Harry was met kramp in de bezemwagen gestapt. Na ca. 10-15 minuten maar eens beginnen, het was 16 uur. In twee uur 13 km, dat moest gemakkelijk kunnen. Ik zou dus echt op tijd binnenkomen en de tocht uitrijden, geweldig. Na drie bochten zag ik Klaas op de vangrail zitten: 'Jan ik weet niet of ik wel boven kom.' 'Wel potverdorie, doorrijden, niet zeuren, je gaat hem uitrijden' en nog wat duidelijkere woorden reed ik door. Twee bochten later dacht ik, 'dat had ik wel iets anders kunnen formuleren'. De route was bekend, de bochten af te tellen, de tijd royaal, de snelheid laag (6-7 km/uur) en de hartslag bleef rond de 140 hangen. Niks geen 160 meer en dat was wel jammer maar ja, het interesseerde me niet meer: ik kwam boven met een paar keer stoppen en doorlopen. Van dat doorlopen werd je minstens zo moe als fietsen. En toen was er het heuglijke moment om 17.45: boven in een zo'n echt sfeerloos Frans skidorp. Ik hoopte nog Floor en Harm te ontmoeten maar dat ging niet door. Afstempelen, bakje koffie en beker cola en maar naar beneden. Omstreeks 18 uur de afdaling begonnen, kwam ik Klaas bijna boven tegen. Gelukkig had hij doorgezet en de tocht uitgereden.

Afdalen en uitkijken naar bekenden
Een bekende en goede afdaling, bocht naar bocht viel ik naar beneden. Misschien dat er beneden nog wat te praten was of zou Janneke het toch halen? Na ca. 12 bochten dalen, zag ik een rode trui: remmen en weer naar boven. Meefietsen terwijl je weet dat je niks kan betekenen. Janneke klom sneller maar moest regelmatig stoppen: even praten en daar kwamen Floor en Harm naar beneden. Weer even praten en zo kwam Janneke om ca. 19.15 boven, gelukkig royaal voor de sluitingstijd van 20 uur. Hendrik had ik in mijn afdaling gemist maar hij rolde om 19 uur over de finish en had de rit ook afgemaakt. Behalve Harry hebben we de tocht allemaal uitgereden en dat is een hoger slagingspercentage (86%) dan vorig jaar (50%). We hadden nog met mensen gesproken die al vier keer hadden meegedaan en nog maar 1x uitgereden. Soms hadden ze in de regen en sneeuw gereden want de omstandigheden kunnen van jaar tot jaar sterk verschillen. Voldoening is groot: een zilveren brevet Slapen deed ik van zaterdag naar zondag niet echt: helemaal verbrand op de armen, benen, nek enz. Ikzelf had factor 0, anderen factor 6-15, het maakt allemaal niks uit. Iedereen was rood. Maandagochtend thuis nog eens even rekenen in categorie E (40-49 jaar) en toen bleek ik nog 12 min. over te hebben voor het zilveren brevet. Nog meer moraal omdat ik ook niet echt zere benen had en op de bostraining wel aardig mee kon doen. Mijn beslissing is al gevallen: volgend jaar nog een keer en dan proberen om goud te behalen. Dan moet ik nog wel 1,5 uur verbeteren en dat is veel op een totaaltijd van 10,5 uur. Toch zie ik wel mogelijkheden in de tweede helft van de tocht. Dus op de Galibier en de Alpe d'Huez en wat intelligenter afdalen naar Bourg d'Oisans en minder met de spaarzame energie smijten. Bovendien moet ik met wat een gerichtere voorbereiding iets sneller leren klimmen en langer de hartslag op 160-165 kunnen houden. Het moet dus mogelijk zijn om een flinke tijdswinst te behalen die voldoende kan zijn voor een gouden brevet. Ik ga het proberen.

Putten, 7 juli 1999, Jan Heeres

Uitslagenlijst Marmotte 1999 op www.fiets.nl

Wist je dat
· Hidde, het zoontje van Hendrik een staartje in zijn haar erg leuk vindt
· Hendrik dit maar niks vindt: dan ben je toch geen kerel! Hoeveel staarten had Hendrik zelf?
· droge worsten voor Harm echt voer voor topsporters is, ipv. alle sportdranken
· hij zelfs Harry, toen deze de bezembus in stapte, nog een stuk worst gaf
· Harry dit graag met de chauffeur en het openstaande raam deelde
· Klaas iedere ochtend zijn ronde langs de tenten maakte om iedereen even op te porren
· hij zondagochtend wel zijn ronde maakte, maar helemaal geen tekst had
· Harry zijn schoonmoeder op zaterdagavond al wist: 'och die arme jongen, moet hij volgend jaar weer'
· Floor met 60 km/uur door bebouwde kom fietsend ook nog kan kotsen
· het publiek langs de weg verbouwereerd achterliet, daarvoor hoor je toch te stoppen!
· Harm voor officiele fietsgelegenheden een stropdas in stijl heeft: een binnenband om zijn nek
· Annemieke afgepeigerde en uitgewoonde wielrenners er erg kunstzinnig uit vindt zien
· Floor de Alpe d'Huez in maar liefst drie uur op klom: in elke bocht een rustpauze inlassend
· Harm en Klaas het wel een half uur sneller deden: om de bocht een rustpauze
· Hendrik het zeker wist als hij Tour de France gaat rijden: hij vreet alle Epo's, doping enz.
· anders is het helemaal onmogelijk om de finish te halen, aldus deze ervaren klimbok
· Harm 100 m snel klimt, dan 200 m langzaam, daarna 50 m heel snel en 350 langzaam en dan 500 m snel gevolgd door 300 m surplace
· Harry hier helemaal gek van werd en dit uiteindelijk met kramp in beide benen bekocht na de Telegraphe
· Janneke en Hendrik regelmatig stuivertje wisselende bij beklimmingen en afdalingen
· Hendrik er bij de Galibier afdaling definitief vandoor ging
· Watty, de vrouw van Hendrik het zaterdagavond al wist: volgend jaar weer Marmotte
· Hendrik dit zelf zondagmorgen pas besloten had
· de terugreis van de fam. Van de Beek maar liefst 40 uur duurde, een gebroken distributieriem op zondag
· Harm en Annemieke zondagavond vertrokken en uiteindelijk dinsdagavond laat in Wageningen arriveerden
· Harm woensdag 39 koorts had en volgens Pieter Breeuwer op donderdagavond nog doodziek was
· Harm vrolijk naar de bostraining kwam om ..... trouwkaarten uit te delen: nuttig en aangenaam gaan samen
· Klaas dacht dat Jan H. naast een nieuwe fiets er ook een nieuw fietsshirt bij had bedongen
· dat hij dit toch helemaal verkeerd had begrepen
· Klaas dacht door tijdens beklimmingen zijn shirt uit te trekken er ongezien of in elk geval anoniem vandoor kon gaan, of is hij toch er ijdel en wilde mooi gebruind in Nederland terugkeren?
· Klaas de hartslagmeter teveel, te zware bagage vond en dus thuis liet